• Jeune Peinture

    59 jaar na zijn oprichting draagt de “Prijs jonge Belgische Schilderkunst” nog altijd zijn oorspronkelijke naam. De oprichting (1950) stamt uit een periode waarin kunst nog sterk nationalistisch gepromoot was. De oprichtingsakte van de prijs staat voor ‘het verdedigen van de Belgische kunst tegenover invloeden uit het buitenland’. Het is duidelijk dat de Belgische kunstmarkt, en niet de kunstenaars, zich wou afschermen tegen ‘buitenlandse invloeden’. Vandaag zijn “jonge”, “Belgische” en “schilderkunst” zonder betekenis als dragers van de Belgische kunst. Ten bewijze daarvan het gebrek aan schilderkunstige opties bij de laureaten.. Toch bestaat er nog een schilderkunstige traditie in België, zo blijkt uit de tentoonstelling Fading in het museum van Elsene. Het reglement is anderzijds wel aangepast. Kunstenaars die 1 jaar in ons land wonen worden als Belg beschouwd en kunnen meedingen naar de prijs. De ‘Sans Papiers’ moeten langer wachten op erkenning en het is bekend dat heel wat sans papiers in de kustenwereld tewerkgesteld zijn of zelf een taak als kunstenaar hebben opgenomen. Anderzijds was de jury samengesteld uit 4 buitenlandse directeuren van bekende kunstcentra, geen enkele Belg! Voorgaande toont aan dat de ‘prijs’ toch best een andere naam zou krijgen. Nu wordt daar traditioneel mee omgesprongen. De titel dekt de lading niet meer of ontstaat daardoor juist de gewenste controverse? Of wil de ‘prijs’ wil zich bevestigd zien door de geschiedenis?

    De tentoonstelling in het Pvsk is best boeiend maar er zijn te weinig creatieve uitschieters. Neem nu de foto’s van de laureaat Lara Mennes. Mooie beelden maar met welk ander doel zijn ze gemaakt? Registratie, architectuur, geschiedenis?

    Het werk van Els Vermang is een project met een geschiedenis in de kinetische kunst. De sculptuur, een meterslange wand met kantelende vierkante elementen die zich sluiten en openen, is ontwikkelt met de medewerking van het LAB(au), een collectief dat zich specialiseert in computerkunst. De bewegingen van de elementen worden gevoed door een programma gestuurd vanuit een computer. Het programma herhaald zich in hetzelfde ritme en tijd. De installatie van alledaagse voorwerpen in een nieuwe context van Leon Vranken, de aardrijkskundige kaarten van Jeroen Hollander, foto’s van Robert Kot en de kaarten huizen van Caroline Pekte bieden voorlopig te weinig om er een oordeel over te vellen.

     Nico [Desktop Resolutie]

    Foto: Nico Dockx & Helena Sidiropoulos, Trough Time & Today

    Nico Dockx realiseerde een werk dat gerelateerd is aan de archieven van het Paleis voor Schone Kunsten. Een gebouw met een verleden als het PvsK verbergt ontegensprekelijk een geschiedenis waarvan enkel de bekendste feiten aan de oppervlakte komen. Dockx gebruikt het gedateerde archief; samengesteld uit papieren documenten, films, dia’s, geluidsbanden en ongepubliceerde gegevens – van het PvsK, als basismateriaal om in samenwerking met Helena Sidiropoulos een installatie te bouwen waarin het stille geheugen op een plastische manier tot leven wordt gebracht. De film/video’s vragen wel tijd om het besef te laten doordringen. Hij maakt van de gelegenheid gebruik om gedurende de tentoonstelling een nieuw mysterie te creëren. Op een pallet staan 500 lege maar voorgedrukte kartonnen dozen omhuld in plastiek verpakking. Ze verwijzen naar een publicatie die het daglicht nog moet zien. In de vitrinekast is er al een aanzet met een bedrukte opengevouwen doos en een inschrijvingsformulier voor een kunstenaarsboek dat (op 11 september) in het Pvsk zal worden voorgesteld en gerelateerd is aan een onuitgegeven Broodthaers catalogus. Het is het meest indringende concept uit de selectie van de Jeune Peinture.

     

     

    Roger D'Hondt